Het onderzoek
Voor het onderzoek zijn in totaal ruim 1000 jongeren tussen 12 en 25 jaar benaderd. Uiteindelijk hebben ruim 700 aan het onderzoek (71%) meegedaan. Met behulp van een internetvragenlijst zijn gegevens verzameld bij jongeren met een (geschat) IQ van 50-85. (Voor het uitgebreide verslag, zie link onderaan dit bericht).
Bevindingen
Van de totale groep gebruikt 7% naar eigen zeggen regelmatig alcohol en 60% gebruikt af en toe. Er is weinig verschil tussen jongens en meisjes behalve dat jongens meer drinken per gelegenheid. De meest populaire dranken zijn bier, breezers en zogenaamde shooters.
Van de totale groep gebruikt 8% naar eigen zeggen regelmatig drugs en 13% gebruikt af en toe. Jongens en meisjes verschillen niet in hun gebruik van drugs. De meest populaire drug is hasj/wiet dat door 97% van de druggebruikende respondenten wordt gebruikt. XTC staat op de tweede plaats met 18%, gevolgd door snuifcocaïne (14%; 9% rookt cocaïne), paddo’s (12%) en amfetamine (11%). Heroïne wordt het minst gebruikt.
Vergelijking jongeren in het algemeen
Met de gegevens uit deze studie zeggen de onderzoekers geen uitspraak te kunnen doen over het verschil in gebruik van alcohol en drugs door LVG-jongeren en jongeren in het algemeen.
Antwoord
Maar ongeacht het antwoord op de vraag of LVG-jongeren nu meer of minder alcohol en drugs gebruiken dan de gemiddelde jongere in deze leeftijdsgroep, vraagt de omvang van het middelengebruik van de onderzochte groep om een antwoord, vindt Els Bransen van het Trimbos-instituut. ‘Met name de subgroep van “grootverbruikers” van alcohol (17% van de weekenddrinkers) en zeer zware gebruikers van cannabis (16% van de druggebruikende LVG-jongeren), baart zorgen.’
Bransen: ‘Ouders, organisaties en instellingen zullen het middelengebruik van hun kinderen onder ogen moeten zien. Voorlichting en training moeten ervoor zorgen dat jongeren zelf en hun ouders, familie en vrienden stelling kunnen nemen tegen middelengebruik, zodat ze ook buiten een instelling de eventuele verleidingen van drugs en alcohol kunnen weerstaan.’ Organisaties voor LVG-zorg zullen volgens Bransen beleid moeten ontwikkelen rondom middelengebruik dat uitgaat van de realiteit van het gebruik door de jongeren.
Samenwerking verslavingszorg en lvg-instellingen gewenst
De verslavingszorg en de LVG-sector moeten de handen ineenslaan, vinden de onderzoekers. Bransen: ‘Preventiewerkers van de instellingen voor verslavingszorg zullen LVG-instellingen nog meer dan nu al het geval is moeten helpen bij het bespreekbaar maken en “ontmoedigend” begeleiden van hun cliënten bij middelengebruik. En omgekeerd zal de LVG-sector de verslavingszorg moeten helpen bij het geschikt maken van hun hulpverleningsaanbod voor de LVG-doelgroep.’
Landelijk project
Het Trimbos-instituut is inmiddels samen met een groot aantal organisaties voor verslavingszorg en LVG-zorg een landelijk project begonnen om een impuls geven aan de ontwikkeling en verspreiding van kennis en methodieken op dit gebied.
Lees het gehele artikel op de website van SoziO. Klik hier
Andere initiatievenEr zijn ook andere initiatieven die inspelen op de behoefte aan kennis en vaardigheden binnen de instellingen waar LVG-jongeren verblijven. Een daarvan is een afstudeerproject van de opleiding Social Work te Breda, waar een projectgroep een training heeft ontwikkeld voor licht verstandelijk beperkten en alcohol en/of druggebruik. De training is ingevoerd bij de instelling Amarant.









