Vakbladvoor sociale professionals
en het sociaal domein

Meer (en minder) van waarde

Afgelopen voorjaar verscheen de verkenning “Meer van Waarde”. In opdracht van de Vereniging Hogescholen toetste een commissie onder leiding van Hans Boutellier het bestaande aanbod aan sociaal-agogische opleidingen aan de maatschappelijke ontwikkelingen anno 2014. In het debat dat volgde, ging het vooral over het advies voor een nieuwe ordening voor de opleidingen.
Meer (en minder) van waarde

De kritiek op het voorstel zal ik hier niet herhalen. Zij is onder meer terug te vinden op socialevraagstukken.nl. Inmiddels is het stil geworden rond het rapport. Eén belangrijke constatering van de commissie heeft echter nauwelijks aandacht gekregen. Opleidingen zouden zich te veel richten op het binnenhalen van zoveel mogelijk studenten.

In 2013 begonnen bijna dertienduizend studenten aan een sociaalagogische hbo-opleiding[1]. Voor vele zal er straks geen werk zijn, zelfs niet op mbo-niveau. Tegenover de samenleving, maar ook tegenover studenten valt dit niet te verkopen. Wil het sociaal werk zich staande houden in een steeds complexere maatschappij, dan zullen opleidingen veel selectiever moeten worden. Ze zeggen dat ze dat al doen, maar de selectie aan de poort is nog erg vrijblijvend en als studenten eenmaal binnen zijn, gaan rendementscijfers een rol spelen. Veel docenten moeten daarnaast nog wennen aan hun nieuwe rol, waarin ze niet alleen meer studiecoach zijn maar ook moeten selecteren.

Kijk ik naar mijn eigen studenten, dan zie ik bijvoorbeeld dat doorstromen naar het hbo allang niet meer exclusief weggelegd is voor de beste mbo’ers. Zelfs studenten die op het ROC gedoubleerd hebben, stromen door. Maar ook bij de havisten zie ik studenten die basale kennis van en interesse in de samenleving missen. Ik betrap me erop dat ik in de lessen sommige alledaagse uitdrukkingen vermijd, omdat ik verwacht dat studenten ze niet zullen begrijpen. Toen ik tijdens een les refereerde aan een journaalitem van de avond ervoor zei iemand dat ze het nieuws niet volgde: ‘Alleen maar narigheid’. Ze leek nog trots ook op haar eigen bekrompenheid. Let wel: we hebben het over studenten aan het eind van het tweede jaar, die de propedeuse al door zijn.

Het werkveld heeft geen behoefte aan dertienduizend sociaal werkers per jaar. Wél aan gemotiveerde en goed toegeruste professionals. Dat vraagt lef. Opleidingen zullen dwingender moeten sturen op verhoging van het niveau, ook als dat betekent dat ze (veel) kleiner worden. Minder dus, maar wel van meer waarde. Dat zal pijn doen, maar je kunt geen opleidingen in stand houden bij wijze van academische werkverschaffing. Als we nu geen keuzes maken zijn sociaal werkers over twintig jaar alleen nog op braderieën te zien, naast de klompenmaker en de mandenvlechter

 

Ben Boskebeld, beleidsfunctionaris School of Social Work, Saxion




Naar homepage