Vakblad voor sociaal professionals
en het sociaal domein

Marokkaanse jongens plegen minder ernstige delicten dan Nederlandse

Marokkaanse jongens in preventieve hechtenis plegen vaker, maar minder ernstige delicten dan Nederlandse jongens in preventieve hechtenis.
Ook hebben Marokkaanse jongens in preventieve hechtenis minder emotionele en gedragsproblemen dan Nederlandse jongens. In vergelijking met niet-delinquente Marokkaanse jongens blijken zij sterk op Nederland georiënteerd te zijn. Dat blijkt uit het landelijke onderzoek ‘Marokkaanse jeugddelinquenten: een klasse apart?’

Het onderzoek is uitgevoerd door Gonneke Stevens, Violaine Veen en Wilma Vollebergh van de Universiteit Utrecht en gefinancierd door het Nicis Institute.

De onderzoekers van de Universiteit Utrecht interviewden ongeveer 300 Marokkaanse en Nederlandse preventief gehechte jongens en hun ouders en maakten gebruik van gegevens van justitie. Bovendien vergeleken zij deze jongens met Marokkaanse en Nederlandse jongens uit de algemene bevolking.

Ernstiger delictprofiel bij Nederlandse jongens
‘Het lijkt er op dat het delictprofiel van Nederlandse jongens in preventieve hechtenis ernstiger is dan dat van Marokkaanse jongens in preventieve hechtenis. Nederlandse jongens in preventieve hechtenis plegen relatief vaak geweldsdelicten en zedendelicten en stichten vaker brand. Marokkaanse jongens zitten vaker vast voor vermogensdelicten’, aldus de onderzoekers. Marokkaanse jongens in preventieve hechtenis blijken verhoudingsgewijs vaker en op jongere leeftijd delicten te plegen dan Nederlandse jongens in preventieve hechtenis.

Deel uitmaken van de Nederlandse samenleving
Opmerkelijk was de bevinding dat preventief gehechte Marokkaanse jongens en hun ouders aanzienlijk sterker georiënteerd zijn op Nederlanders en de Nederlandse samenleving dan Marokkaanse jongens uit de algemene bevolking. De delinquente jongens zagen zichzelf bijvoorbeeld meer als Nederlander en hetzelfde gold voor hun ouders. De onderzoekers: ‘Een verklaring hiervoor kan zijn dat juist de Marokkanen die graag deel willen uitmaken van de Nederlandse samenleving extra gevoelig zijn voor een maatschappij die kritisch staat ten opzichte van deze groep, wat bij sómmigen zou kunnen leiden tot criminaliteit.’ De sociaal-economische status (inkomen, werk, opleiding) van de ouders van preventief gehechte Marokkaanse jongens bleek hoger te zijn dan die van Marokkaanse jongens in de algemene bevolking. Dit in tegenstelling tot Nederlandse jongens in preventieve hechtenis. Zij hebben juist een lagere sociaal-economische status in vergelijking met jongens uit algemene bevolking. Bron: Universiteit Utrecht (september 2009)


Naar homepage