Vakbladvoor sociale professionals
en het sociale domein

‘Islamitische LHBT'ers kunnen soms beter in de kast blijven’

‘Je moet een moslim met homoseksuele gevoelens niet zomaar aanmoedigen om uit de kast te komen’, zegt Dino Suhonic, zelf homo en moslim. ‘Kijk eerst of een jongere ergens terecht kan als die op straat wordt gezet.’
‘Islamitische LHBT'ers kunnen soms beter in de kast blijven’

‘Het is eerder regel dan uitzondering dat ouders fel reageren als een islamitische jongere uit de kast komt’, zegt Dino Suhonic, oprichter van Maruf, een stichting die zich inzet voor een betere positie van islamitische LHBT’ers (lesbische, homoseksuele, biseksuele mensen en transgenders) en ook workshops geeft aan hulpverleners. ‘Ik ken een jongere die door een hulpverlener werd gestimuleerd om eerlijk te zijn, te maken kreeg met geweld en vervolgens werd uitgehuwelijkt. Daarom moet je eerst kijken naar de economische situatie. Kan die persoon op zichzelf wonen? Basisbehoeften als eten, drinken, onderdak en veiligheid zijn uiteindelijk toch belangrijker dan jezelf kunnen zijn bij je familie.’

 

‘Maar het gaat nog om veel meer dan een plek om te slapen’, voegt Rohit Vyas eraan toe, adviseur en trainer op het gebied van diversiteitsvraagstukken bij TriDiversity. ‘Wanneer een jongere zegt dat die uit de kast wil komen, is het verstandig om als hulpverlener te vragen: “Wat kan het je opleveren en wat kunnen de consequenties zijn? En hoe zou je met de gevolgen omgaan, ben je daarop voorbereid?” Wij gaan al die scenario’s langs. Uit huis gezet worden is daar slechts één onderdeel van. Ik probeer altijd zo min mogelijk te adviseren om A of B te doen.’ Volgens Vyas realiseert een jongere zich niet altijd de impact van een keuze, maar kun je als hulpverlener wel inzicht bieden. Het is dan aan de persoon zelf om een beslissing te nemen die bij hem of haar past.

 

Veel vragen, geen hapklare oplossingen
Doorvragen, daar gaat het om, weet Vyas. ‘Door te praten, hoop je de situatie voor een jongere helder te krijgen. Zoek niet meteen naar oplossingen, maar laat de cliënt zelf met oplossingen komen.’ Dat kan bijvoorbeeld door iemand te vragen of die al een vertrouwenspersoon heeft gevonden. Als dat niet zo is, vraag dan of diegene er behoefte aan heeft en wie die rol dan zou kunnen vervullen. ‘Het allerbelangrijkste is om veel open vragen te stellen en daar de tijd voor te nemen.’

 

‘Ik geloof niet dat je als hulpverlener per se religieus moet zijn om een moslim goed te begeleiden’, zegt Vyas. ‘Je komt al heel ver met goede vragen stellen. En waar nodig kun je doorverwijzen. Als iemand bijvoorbeeld specifieke vragen heeft over teksten in de Koran, kun je voorstellen dat hij of zij met een imam gaat praten die progressief is. In elke stad is vaak wel één bekend.’

 

Culturele bril
‘Ik hoor geregeld dat jongeren weinig aansluiting kunnen vinden bij Nederlandse hulpverleners’, zegt Suhonic. ‘Die kunnen hun achtergrond niet altijd begrijpen en daardoor ontstaat er een gat tussen hulpverlener en cliënt. Begeleiders snappen bijvoorbeeld meestal niet dat een jongere er vaak helemaal niet voor kan kiezen om uit de kast te komen.’ Een onderzoek naar het Amsterdamse hulpverleningsaanbod ondersteunt die uitspraak. Cliënten voelen zich soms onder druk gezet om de waarheid aan hun familie te vertellen. Ze vinden het belangrijk dat een hulpverlener de beperkingen van de sociale omgeving accepteert. En dat deze begeleider niet dwingend is, maar wel met suggesties komt.
 

‘Een valkuil is dat een hulpverlener al snel aan de slag kan gaan vanuit de eigen Nederlandse normen en waarden’, zegt trainer en adviseur Rohit Vyas. ‘Dat kan heel onbewust, door je intonatie of woordkeuze. Maar bij hulpverlening in een multiculturele context is het extra belangrijk om alert te zijn op verbale én non-verbale signalen. Soms zul je een vraag anders moeten stellen of op een andere manier moeten herhalen.’ Ook wijst Vyas erop dat je rekening dient te houden met je invloed en positie als hulpverlener en dat je er onbewust sturend in kunt zijn. ‘Een cliënt kan denken: hij is deskundig, hij zal het wel weten. Met het gevolg dat hij een beslissing neemt die hij niet overziet en nooit meer kan terugdraaien.’

 

Geloof en gevoelens
Dino Sihonic is erin geslaagd om de islam met zijn homoseksuele gevoelens te combineren. ‘Ik ben eerst uit de islam gestapt, maar toen werd ik ongelukkig, want ik raakte daardoor mijn levensfilosofie kwijt. Eigenlijk wilde ik helemaal geen keuze maken. Daarom ging ik op onderzoek uit.’ Op basis van eigen overwegingen en interpretaties besloot Sihonic dat je best homo en moslim kunt zijn. ‘De afwijzende houding vanuit de islam heeft meer te maken met gedragscodes dan met de Koran. Hulpverleners zouden dus kunnen vertellen dat beide mogelijk is en bijvoorbeeld een literatuurlijst kunnen geven met boeken die erover gaan.’

 

‘In elk geval moet je niet gaan invullen en denken: O, dit is een moslimjongere, hij zal het wel extra moeilijk hebben’, vindt Vyas. ‘Elke persoon heeft andere ervaringen. De ene is misschien wel van islamitische afkomst, maar gelooft zelf niet. Een ander kan geloof en seksuele voorkeur misschien met elkaar rijmen en iemand anders ondervindt wel enorme problemen. Vraag dus naar de beleving van een persoon, naar de plaats van religie in zijn of haar leven.’ Op dit moment bieden Veilige Haven en stichting Secret Garden hulpverlening en lotgenotencontact aan LHBT-jongeren met een etnisch-culturele achtergrond.
 

Acceptatie

Het is nu twee jaar geleden dat Suhonic uit de kast kwam. Behalve de economische omstandigheden, is het volgens hem ook erg belangrijk dat een persoon zichzelf heeft geaccepteerd voor die naar buiten treedt en weet wat die wil. ‘Ik kwam uit de kast toen ik zelfstandig was en mezelf echt op het allerergste had voorbereid.’ Voor die tijd heeft Suhonic wel hulpverlening gehad. ‘Maar die was oppervlakkig en niet effectief. Mijn hulpverlener zette me onder druk om uit de kast te komen, maar dat heb ik uitgesteld tot mijn 26e.’

 

Suhonic denkt dat het goed zou zijn als ouders eveneens begeleiding krijgen wanneer ze een kind hebben met homoseksuele gevoelens. ‘Het betekent immers ook een grote verandering voor hen. Hun hele leven draait om familie, trouwen en kinderen krijgen en opeens valt dat allemaal weg. Ouders worden als de boze persoon gezien, maar zij hebben het er ook moeilijk mee. Daarom zou er iemand moeten zijn die hen ondersteunt.’

 

 

Een voorbeeld van een roze imam die denkt dat profeet Mohammed homo’s aanvaardt, is Mushin Hendricks. In een interview in Trouw legt hij uit waarom. Lees ‘Allah houdt ook van homo’s’

 

Lees ook:
Christelijke LHBT'ers moeten mening wijde omgeving loslaten
Meer scholing nodig voor omgaan met LHBT-jongeren
Hulpverleners herkennen genderproblematiek vaak niet

 



Naar homepage


Kirsten Ronda,