‘Geef toe dat wonderen niet bestaan bij jeugddetentie’
Geef toe aan de buitenwacht dat wonderen niet bestaan bij jeugddetentie. Dat is beter dan de schijn ophouden dat detentie van jongeren leidt tot goede resultaten.
Dat zei Ton Anbeek, auteur van de roman ‘Vast’ die zich afspeelt in een justitiële jeugdinrichting (jji). Anbeek hield op 3 maart een inleiding in Avenier jeugd- en opvoedhulp in Wapenveld. Zo’n 35 bezoekers, het merendeel groepsleiders bij een jji bezochten de bijeenkomst. Na zijn inleiding ging Anbeek in debat met hen.
Doen alsof
Anbeek refereerde in zijn betoog aan criminologisch onderzoek waaruit ‘het ontmoedigende’ effect blijkt van gevangenschap. Volgens Anbeek weten alle betrokken professionals en experts dit maar houden ze elkaar voor de gek in een systeem van ‘doen alsof’. ‘Psychologen weten dat het eigenlijk al te laat is wanneer een jonge dader na zijn twaalfde wordt opgesloten. Criminologen weten dat behandeling en opsluiting in feite een explosieve combinatie vormen. Personeelsdiensten weten dat de ideale groepsleider moeilijk te vinden valt en dat zijn taak behalve gevaarlijk bijzonder ondankbaar is.’
Bewondering
Anbeek eindigde zijn inleiding door zijn bewondering voor groepsleiders niet onder stoelen of banken te steken. ‘Als er één ding is dat mij bij de kennismaking met veel mensen die werken met criminele jongeren getroffen heeft, dan is het dit: die verbijsterende combinatie van een hartgrondig pessimisme met de even grote wil om door te gaan. Want er is geen alternatief.’
Wonderen
In de discussie die volgde werd stilgestaan bij de vraag wat wonderen inhouden. Volgens één van de aanwezige groepsleiders bestaan wonderen, of succesverhalen wel. Er zijn jongeren die na detentie een acceptabel en niet crimineel leven weten op te bouwen.
Zichtbare ergernis was er bij veel aanwezigen over enkel de negatieve verhalen over criminele jongeren die de pers halen. Dat goed nieuws geen nieuws is voor de media, vertekent het beeld. De verwachtingen van de buitenwacht over het rendement van jeugddetentie zijn te hooggespannen, vond een ander. Dat leidde tot instemming bij anderen en de vraag wie deze boodschap én de succesverhalen voor het voetlicht moet brengen. ‘Dat moet ú doen, wees een van de aanwezigen naar Ton Anbeek – naar het verhaal van ons, als vertegenwoordigers van de sector wordt namelijk niet voldoende geluisterd, was zijn standpunt.
Afra Groen, bestuurslid van Phorza vond van niet. Groepsleiders en hun leidinggevenden zijn de aangewezenen om die standpunten te verwoorden. Je moet je als sociaal agogen organiseren, ook in dit verband kan dat effect sorteren, stelde ze. Ze wees op de macht van het getal. ‘Samen zijn we sterker dan we denken.’
Interview
In het februarinummer van SoziO staat een interview met Ton Anbeek. Klik hier om het te lezen.
Organisatie
De bijeenkomst was georganiseerd door SoziO, Hogeschool Windesheim, De Sprengen (onderdeel van Avenier) en beroepsvereniging Phorza.
De bijeenkomst was georganiseerd door SoziO, Hogeschool Windesheim, De Sprengen (onderdeel van Avenier) en beroepsvereniging Phorza.
Olaf Stomp, Geplaatst: 08 maart, 2010
Relevante categorieën: debat, JJI, jeugdzorg, Beroepsvereniging, Justitie
Reacties op dit artikel:
jeroen
07 augustus 2010 - 03:52
een noodzaak. maarja hoeveel je ook wordt geholpen je moet het uit eindelijk zelf doen als je met de verkeerde instelling vrij komt gaat het met of zonder hulp tog snel weer de fout in
jeroen
07 augustus 2010 - 03:46
ik heb 8 jaar een pij maatregel gehad,wat allemaal begegon in vught vindt het ook wel grappig dat de foto hierboven jongens zijn van mij oude groep dacht groep c maar ok ben net een jaar vrij en ik moet zeggen dat hulp na detentie goed is verlopen het is maar wat je er zelf van maakt het valt absoluut niet mee om weer de draad op te pakken het is zwaar wennen en ik ben nog steeds niet gerust hoe ik zal doen of reageren op tegenslagen ik begrijp dan ook dat veel jongens de fout weer in gaan het is een gebrek aan de structuur die opeens bij vrijlating verdwenen is daarom is goede begeleiding naar werk
Sabine
09 maart 2010 - 16:33
Het gaat niet fout in een JJI, de jongeren komen daar na veel pappen en nathouden van externe organisatie zoals: onderwijs, reclassering en Bureua Jeugdzorg.
Als wij ze krijgen hebben ze al jaren lopen modderen met de jongeren !!!
Wij stappen elke dag opnieuw in bij deze jonge mensen, in de hoop dat ze "ooit" gebruik kunnen maken van hun rugzakje.
Als wij ze krijgen hebben ze al jaren lopen modderen met de jongeren !!!
Wij stappen elke dag opnieuw in bij deze jonge mensen, in de hoop dat ze "ooit" gebruik kunnen maken van hun rugzakje.
Uw reactie, mening: